Leven met diabetes

Uw diabetes in balans

De vergelijking met een weegschaal of balans wordt in de diabeteswereld veel gebruikt, ook al is de tijd van afwegen van alle voedingsmiddelen allang voorbij!
Om uw bloedglucose zoveel mogelijk binnen de afgesproken streefwaarden te houden, moeten de factoren die uw glucose verhogen en de factoren die uw glucose verlagen met elkaar in balans zijn.

Glucose verhogende factoren zijn: uw diabetes zelf, de koolhydraten in wat u eet en drinkt, en stress (bijvoorbeeld door ziekte).
Glucose verlagende factoren zijn: uw diabetesmedicatie en lichaamsbeweging. Uw diabetesmedicatie is afgestemd op uw normale eet- en leefpatroon, en uw gewicht op een bepaald moment. Als u erg van dat patroon afwijkt, of als uw gewicht verandert, raakt uw diabetes uit balans.


Afbeelding diabetes balans
Als u minder beweegt of meer koolhydraten binnenkrijgt dan normaal stijgt uw glucose. Als u meer beweegt of minder koolhydraten binnenkrijgt dan normaal daalt uw glucose.

 

 

En als u flink bent afgevallen hebt u minder medicatie nodig om in balans te zijn. Afbeelding diabetes balans


Niet zo simpel ...

Zo simpel als het lijkt is het in de praktijk echter niet. Niet elke factor heeft direct het verwachte effect. Zo werkt koolhydraatrijke alcohol (zoals likeur of zoete wijn, maar ook bier) eerst glucose verhogend en later verlagend. En langwerkende insuline werkt pas na enige uren.

Flinke inspanning kan direct, maar ook nog na vele uren de glucose verlagen, wanneer de glucosevoorraad in uw spieren wordt aangevuld vanuit het bloed.

Ook kunnen de effecten verschillen van mens tot mens, en soms van keer op keer. Psychische en hormonale factoren hebben vaak een onvoorspelbaar effect, ze kunnen uw glucose verhogen of verlagen. Daarom is het soms zo moeilijk om in balans te blijven, hoe goed u ook uw best doet.

Door uw zelfcontrole dagboekje goed bij te houden en te bespreken met uw diabetesteam, leert u een goede inschatting te maken van de effecten van de verschillende factoren op uw bloedglucose.

Dat biedt u houvast bij de afwegingen die u elke dag maakt, zoals:

  • Zal ik nu met de hond gaan wandelen, of wachten tot na het eten?, of
  • Op die verjaardagsvisite krijg ik vast taart, dus laat ik 't toetje nu maar overslaan ..., of
  • Ik heb straks volksdansen, dus neem ik nu maar een boterhammetje meer.
  • Hoe meer regelmaat in uw leven, hoe minder kans dat uw diabetes uit balans raakt. Maar regelmaat is natuurlijk niet altijd leuk. Gelukkig kunt u met vakantie, feestjes, etentjes of meer inspanning dan normaal goed leren omgaan.

Wie insuline gebruikt en een zeer ongeregeld leven leidt, is wellicht het beste af met een meermaal daags insulineschema en het leren van zelfregulatie.

Uit balans?

Af en toe een hoge of lage bloedglucose (ook wel een uitschieter genoemd) is geen probleem, met name als de oorzaak duidelijk is, bijvoorbeeld een te uitgebreide maaltijd, een portie friet tussendoor, of een uurtje flink spitten in de tuin. Dat kunt u dan de volgende keer voorkomen! Zijn vrijwel alle glucosewaarden hoog of laag, overweeg dan aanpassing van uw medicatie.

Plotseling hoog oplopende glucosewaarden treden bij tablet gebruik eigenlijk alleen op t.g.v. een bijkomende ziekte. Kijk zo nodig nog eens naar het formulier "Wat doe ik als ik ziek wordt?" om dat te vermijden.

Echt uit balans of ontregeld raken, met fors verhoogde bloedglucose, hypoglycemie of waarden die van hot naar her springen, komt vooral voor bij insuline gebruik. Dat komt enerzijds omdat u dan (door onvoldoende eigen insuline) afhankelijk bent van wat u spuit om hoge waarden op te vangen, anderzijds door het spuiten van insuline zelf.

Naast ziekte kunnen overmatige inspanning of koolhydraat inname een rol spelen, maar ook hormonale en psychische factoren, waarover later meer.

Een bekende oorzaak is het over corrigeren met kortwerkende insuline bij een meermaal daags insulineschema. Een belangrijke reden om uw zelfregulatie nog eens goed door te nemen met uw diabetesteam.

Ook als u de ene keer spuit op plaatsen waar verdikkingen in de huid zijn ontstaan (de zogenaamde spuitplekken) en dan weer op goede delen van de huid, kan uw glucose flink doen schommelen. Vanuit de spuitplekken wordt de insuline moeilijker en ook onregelmatiger opgenomen in het bloed. Spuit dus nooit in dergelijke verdikkingen!