Schema's en overzichten

Complicaties, pijndagboek toelichting

Pijn kan niet met een apparaatje worden gemeten. U kunt alleen zelf aangeven of en hoeveel pijn u voelt, maar dat is moeilijk aan een ander uit te leggen. Het kan al moeilijk zijn om voor u zelf in woorden aan te geven of u minder pijn hebt na het slikken van een pijnstiller, en hoeveel de pijn dan is afgenomen. Veel mensen die chronisch pijn hebben vinden het daarom prettig om de pijn uit te drukken in cijfers.

Daarbij geeft u uw pijn die u voelt op het moment dat u de pijn vastlegt een cijfer van 0 tot 10, waarbij 0 géén pijn betekent, en 10 de ergste pijn die u zich kunt voorstellen. Het gaat erom hoe u de pijn zélf ervaart, een fout antwoord is dus niet mogelijk.


Hoeveel pijn hebt u op dit moment?
geen pijn 0 – 1 – 2 – 3 - 4 – 5 – 6 – 7 – 8 – 9 – 10 de ergst denkbare pijn

 

Pijn uitdrukken in een getal heeft ook als voordeel dat u een pijndagboek kunt bijhouden. Daarin kunt u (naast de ernst van de pijn) aangeven wat hielp om de pijn te verlichten, of wat juist meer pijn veroorzaakte. Of dat u een extra pijnstiller of een slaaptablet nam, en wat het effect daarvan was.

Omdat mensen met zenuwpijn vaak ’s nachts meer last hebben van de pijn, heeft het dagboekje een vakje voor de pijn van de nacht ervoor (de maan), en voor de dag zelf (de zon). Ons dagboekvel is bij twee maal daags invullen voldoende voor een week. Meer of minder vaak invullen kan natuurlijk ook, als uw pijn erg wisselt, of als u enige tijd weinig last heeft. Door het bespreken van de gegevens met uw zorgverlener kunt u samen uitvinden hoe de medicatie het beste kan worden afgestemd op uw persoonlijke situatie.
Hieronder geven we een voorbeeld.