Bij de glucose-stofwisseling spelen naast insuline nog andere hormonen een rol, zoals we uitleggen onder de Nadere info van het eerste hoofdstuk.
Nog niet lang bekend zijn de incretines. Als reactie op eten stimuleren deze hormonen de alvleesklier tot afgifte van insuline. Het incretine-hormoon GLP-1 remt ook de afgifte van glucagon, vertraagt het ledigen van de maag en vermindert de eetlust.
Bij type 2 diabetes blijken de effecten van incretines verminderd, wat de verwerking van glucose uit de voeding belemmert. Dat probleem kan worden aangepakt door de afbraak van incretine te remmen, of door de werking van incretine na te bootsen. We noemen dat ook wel GLP-1-therapie.
Incretine-afbraak-remmers zijn als tabletten beschikbaar, zoals u kunt vinden onder ‘Meer over tabletten' bij de Nadere info van dit hoofdstuk.
Medicijnen die de werking van incretines nabootsen noemen we incretine-mimetica. Zij dienen als aanvulling op de gebruikelijke glucoseverlagende tabletten, met name bij mensen met een fors overgewicht.
Deze middelen moeten onderhuids worden gespoten: exenatide 2 maal daags (Byetta®), liraglutide 1 maal daags (Victoza®) en exenatide 1 maal p/wk (Bydureon®)
Voordelen boven insuline zijn dat zij vrijwel geen hypo's veroorzaken, en door remming van de eetlust wel vaak tot gewichtsdaling leiden. Misselijkheid is de meest voorkomende bijwerking, maar die verdwijnt vaak na enige tijd.
Hoewel deze middelen op korte termijn vrijwel geen andere bijwerkingen hebben, is er over de effecten en veiligheid op lange termijn nog onvoldoende bekend.